Het juiste bit vinden

Soms zie je door de bitten het paard niet meer. In de 20 jaar dat ik paarden heb, heb ik best wat verschillende bitten uitgeprobeerd maar het is toch altijd even een zoektocht voor je het juiste bit voor je paard hebt gevonden.

Het juiste bit voor je paard vinden is zo ontzettend belangrijk. Het bit is hét middel waarmee je communiceert met de paardenmond, een slecht passend bit kan zorgen dat je paard zich verzet tijdens het rijden maar het kan ook wondjes aan de paardenmond veroorzaken. Er zijn zoveel verschillende bitten en ieder paard reageert weer anders op die verschillende bitten.

Vooral voor jonge paarden, die nog weinig bereden zijn en nog wat onstabiel zijn, is een goed passend bit erg belangrijk. Bij jonge paarden begin je natuurlijk eerst met longeren voordat je ze gaat beleren. Daarom is het belangrijk dat je tijdens het longeren al een bit gebruikt wat prettig is voor het paard en waar het paard vertrouwen in krijgt. Het voordeel is dat wanneer je het paard onder het zadel gaat beleren, je hetzelfde bit gebruikt wat het paard dan al kent.

Een watertrens heeft ronde ringen aan de zijkanten kunnen meedraaien. Ruiters met een onstabiele hand storen hun paard hiermee iets minder in de mond. Het nadeel is wel dat er door de meebewegende ringen kleine wondjes kunnen ontstaan. Je kunt dan rubber ringen gebruiken om de mondhoeken te beschermen.

Een bustrens of D-trens geeft wat meer steun door de rechte zijkanten en als je paard tijdens het longeren een keer trekt, trekt het bit niet zo door de mond heen.

Juiste maat bit
Het belangrijkste aan een bit is natuurlijk de juiste maat. De maat van een bit meet je van bitring tot bitring. Bij een watertrens (ringen) neem je altijd 5 mm extra ruimte tussen de lip en bitring (het bit is dan 1 cm breder dan de mond), bij een bustrens of D-trens is 1 tot 1,5 mm ruimte tussen het bit en de mond voldoende. Om zeker te weten dat je de juiste maat bit kiest, kun je een bitmeterkaart gebruiken. Ik heb zelf deze van Sprenger een keer gratis meegekregen bij de Epplejeck.

Dan is er nog de dikte van het bit.
Vroeger dachten we altijd dat een dikker bit vriendelijker was dan een dun bit. Een dunner bit zou een strengere inwerking hebben. Tegenwoordig kijken we naar de ruimte tussen de onder- en bovenkaak en dan blijkt vaak dat veel paarden juist een dunner bit nodig hebben, omdat er anders niet genoeg ruimte is in de mond. De ruimte in de mond kun je laten opmeten door de paardentandarts maar je kunt zelf ook de “2-vingertest” doen. Door je wijs- en middelvinger op elkaar te leggen en in de paardenmond te leggen op de plek van het bit en dan te voelen of er veel of weinig druk op je vingers is. Bij veel druk is er weinig ruimte en kies je voor een bit met een dikte van 12, 14 of 16 mm. Bij geen of weinig druk kies je voor een dikker bit van 16 of 18 mm. Mijn Fred is 1.71 m. groot, dus niet echt een klein paard, toch rijdt ik hem op een (D-trens 12,5 cm breed, dubbel gebroken) bit van 14 cm dik.

Er zijn veel verschillende mogelijkheden en variaties, de meest gebruikte zijn het enkel- en dubbel gebroken bit.

Een enkel gebroken bit heeft een scharnierpunt. Het enkel gebroken bit werkt in op de randen van de tong en de onderkaak. Hierbij komt er meer druk aan de zijkant van de tong en op de kaak. Een enkel gebroken bit kan een een notenkraker effect geven, met extra druk op het gehemelte.

Een dubbel gebroken bit heeft twee scharnierpunten met een verbindingsstuk. Dit tussenstuk kan verschillende vormen, diktes en breedtes hebben. Een dubbel gebroken bit verdeelt de druk gelijkmatiger over de tong en kaken.

Een ongebroken bit kan fijn zijn bij sterke paarden of paarden die tegen de teugelhulp ingaan. Een ongebroken bit geeft een gelijkmatige druk in de mond en is fijner voor paarden met gevoelige mondhoeken.

Dan zijn er ook nog verschillende materialen waar een bit van gemaakt kan zijn.

Het is belangrijk dat een paard speeksel aanmaakt tijdens het rijden. Wanneer je paard een droge mond heeft kan het bit wrijving geven in de paardenmond waardoor brandplekken kunnen ontstaan. Daarom zijn er naast RVS ook nog verschillende andere materialen waar een bit van gemaakt kan zijn.

De Sweet Iron bitten zijn gemaakt van staal en hebben een herkenbare blauwe kleur. Sweet Iron ontwikkelt door contact met (lucht)vochtigheid oppervlakteroest die zoet smaakt en op een natuurlijke manier de speekselaanmaak van het paard stimuleert. Hierdoor zal het paard meer gaan schuimen, wat zorgt voor een betere acceptatie van het bit. Ik ben in het verleden van een RVS bit overgestapt naar Sweet Iron en merkte duidelijk een positieve verbetering.

Dan zijn er ook kunststof bitten. Deze zijn in het bijzonder geschikt voor jonge paarden en paarden met een gevoelige mond. Het gebruikte kunststof is FDA approved, wat wil zeggen dat het materiaal niet giftig is en geen weekmakers bevat. De bitten zijn bovendien heel solide door de toepassing van een flexibele kern van roestvrij staal. Paarden die gereden worden op een kunststof bit volgen de hand gemakkelijk en nemen het bit snel aan.

En wat te denken van een bit van leer? De kern van het lederen bit is gemaakt van versterkt nylon. Het leder wat met de hand om de kern wordt gestikt is natuurlijk gelooid zonder chemicaliën. Door speekselvorming wordt het lederen bit zachter en hiermee aangenamer voor het paard. De flexibele werking in combinatie met de smaak van het leder maakt het bit uitermate geschikt voor paarden met een gevoelige mond.

Ik rijdt zelf met een bit van Sprenger gemaakt van Sensogan. Sensogan is een samenstelling van koper met mangaan en zink. Mangaan heeft de eigenschap koper te versterken zonder het natuurlijke oxidatieproces te verstoren. Hierdoor komt de zoete smaak vrij en accepteren paarden het bit gemakkelijker. Het is een wat duurder bit maar Fred loopt er super op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *